Open access to research results will boost Europe's innovation capacity.
COM_CONTACT_IMAGE_DETAILS
Neelie Kroes
European Commission

Open Access in the Netherlands

AddThis Social Bookmark Button

Facts & figures on Open Access in the Netherlands
(only available in Dutch)

 

Open Access in Nederland

 

Berlin Declaration

Sinds 2005 hebben alle Nederlandse universiteiten, de HBO-raad, KNAW, KB en SURF de Berlin Declaration ondertekend. De HBO-raad deed dat op 26 november 2009 namens alle HBO’s.

Stimuleringsfondsen

- De Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), als grootste financier van onderzoek in Nederland, geeft in oktober 2009 aan dat zij wil dat wetenschappelijke publicaties voor iedereen toegankelijk op internet worden gepubliceerd. De organisatie trekt vijf miljoen euro uit om de kosten van dergelijke publicaties te dragen. Maart 2010 is het NWO Open Access fonds actief. Er is in eerste instantie 2,5 miljoen euro in kas voor 2010. In het najaar van 2010 zal de eerste evaluatie met de instellingen plaatsvinden.

- De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) geeft in maart 2011 aan dat zij vindt dat onderzoeksgegevens en publicaties van met publiek geld gefinancierd onderzoek vrij toegankelijk moeten zijn. Voor de eigen organisatie betekent dit dat alle publicaties van KNAW onderzoekers vrij toegankelijk worden, bij voorkeur direct maar uiterlijk na 18 maanden. Onderzoeksdata worden vrij toegankelijk gemaakt en duurzaam opgeslagen tenzij dringende redenen (privacy, wettelijke regelingen) dat verhinderen. Ter ondersteuning van dit beleid heeft de KNAW budget beschikbaar om KNAW-onderzoekers en instituten te stimuleren hun publicaties en data open access toegankelijk te maken. Voor meer informatie over het beleid zie de open access webpagina van de KNAW. Hier is ook een flyer te vinden met een korte beschrijving van haar beleid voor Open Access en digitale duurzaamheid.

Overzicht OA beleid per instelling (mei 2011)

De werkgroep Open Access van de UKB (het samenwerkingsverband van de dertien Nederlandse universiteitsbibliotheken en de Koninklijke Bibliotheek) heeft in april 2011 een overzicht gemaakt van het Open Access beleid op de Nederlandse universiteiten. Ook de KNAW (de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen) is opgenomen in het overzicht. De inventarisatie betreft de volgende onderwerpen: green Open Access (mandaat ja/nee), Gold Open Access (Open Access fonds? Deelname aann OA membershipprograms? Zelf Open Access journals uitgevern), beleid inzake onderzoeksdata, beleid inzake gedigitaliseerd cultureel erfgoed en gebruik van Metis. Zie het bijgevoegde overzicht. (mei 2011)

Rectoren willen ook Open Access

De rectoren van de Nederlandse universiteiten hebben zich najaar 2009 uitgesproken om Open Access te bevorderen via de 'green road'.

Wetenschappelijke publicaties

Volgens de cijfers van de VSNU was de productie van wetenschappelijke publicaties in 2007 (2008 is nog niet beschikbaar) 60.862. Daarvan is 18% Open Access. Indien voor 2008 de wetenschappelijke productie niet significant afwijkt van 2007, kan een stijging van het nationale OA percentage van 18% naar 23% worden voorzien.

Proefschriften verplicht

Voor proefschriften is Open Access een feit. Negen van de 14 universiteiten hebben een instellingsbeleid waarbij proefschriften verplicht worden opgenomen en openbaar gemaakt worden in de instellingsrepository. Hier kunnen soms embargo’s van zes maanden gelden.
Bij deze negen universiteiten is meer dan 75% van de proefschriften openbaar toegankelijk. Bij vier universiteiten is het zelfs meer dan 97%. In totaal hebben de 14 universiteiten gemiddeld 84% van hun proefschriften Open Access beschikbaar. Dat de proefschriften nu via het internet beschikbaar zijn, heeft het aantal keren dat een proefschrift wordt geraadpleegd aanzienlijk vergroot. Het gaat jaarlijks om grofweg 3000 promoties.

Kosten abonnementen

Een totaal van de kosten die universiteitsbibliotheken uitgeven aan wetenschappelijke tijdschriften is niet bekend. Maar de Utrechtse UB is jaarlijks 4,5 miljoen euro kwijt aan wetenschappelijke tijdschriften. Dit soort bedragen hebben de bibliotheken / mediatheken van de hogescholen niet beschikbaar voor vakbladen en wetenschappelijke tijdschriften.

Open Access Fondsen

Er zijn vier universiteiten die een Open Access fonds hebben: TU Delft heeft een fonds van €40.000 beschikbaar om Open Access publicaties te financieren. Wageningen UR heeft €50.000 in 2012 beschikbaar, evenals de Universiteit Utrecht. Sinds 1 september 2012 beschikt de Universiteit Twente over een Open Access fonds. Het fonds is €50.000 groot (2013).

UKB-Springer Open Choice Deal

In 2008 sloot UKB, het Samenwerkingsverband van de Universiteitsbibliotheken en de Koninklijke Bibliotheek, met Springer een deal om gezamenlijk het publiceren via Open Access te onderzoeken. Auteurs konden ervaring opdoen met het publiceren via Open Access zonder bestaande tijdschriften de rug te hoeven keren. Per jaar stond Springer een afgesproken hoeveelheid publicaties toe in haar Open Choice programma, zonder extra kosten voor het publiceren. Vanaf 2010 was het aantal artikelen onbeperkt. In 2009 is er 1170 keer gebruik gemaakt van de speciale Springer regeling. Uit een vergelijking met Zweden en Denemarken (die geen vergelijkbare deal met Springer hebben) blijkt een significant effect (50 resp. 60 Springer artikelen). Zie ook de instructiefolder Springer Open Choice. Deze regeling stopt per 1 juli 2012. Als auteurs kiezen voor de open access-optie bij artikelen die na 1 juli 2012 worden geaccepteerd dan moet de auteur of zijn financier de kosten (€2000) zelf betalen.  De Open Choice-clausule geldt nog wel voor artikelen die vóór 1 juli 2012 zijn geaccepteerd door Springer. 

Economische studie naar publicatiemodellen

In 2009 heeft SURFshare een onderzoek laten uitvoeren naar de kosten en potentiële voordelen van alternatieve modellen van wetenschappelijk publiceren in Nederland. Het resultaat is te lezen in het rapport ‘Costs and Benefits of Research Communication: The Dutch Situation’. In de studie zijn drie publicatiemodellen vergeleken. Het grootste voordeel biedt het Open Access-model waarbij de onderzoeksfinancier of -instelling betaalt voor publicatie en het artikel vervolgens vrij toegankelijk is. Dit kan leiden tot een jaarlijks voordeel van 133 miljoen euro. Zelfs in het geval dat Nederland als enige land kiest voor dit publicatiemodel en daarnaast de licenties voor tijdschriften aanhoudt, wordt nog altijd een voordeel van 37 miljoen behaald.

OA journals

De Directory of Open Access Journals (DOAJ) bevat alle OA journals wereldwijd. In maart 2012 zijn dat er meer dan 7500. Meer dan 900 van deze tijdschriften zijn ook opgenomen in de Web of Science. In 2012 zijn er 63 Nederlandse tijdschriften geregistreerd in de DOAJ.

Repositories

Alle Nederlandse universiteiten beschikken over een of meerdere institutionele repositories. NARCIS, de ‘toegang tot de Nederlandse wetenschapsinformatie’ verzorgt de centrale toegang tot de inhoud van deze repositories.
Achttien hogescholen maken gebruik van een repository. Deze inhoud is centraal te benaderen via de HBO Kennisbank.

Nationale toegang tot Open Access materiaal

  • NARCIS
    NARCIS geeft toegang tot meer dan 530.000 publicaties, waarvan ruim 231.000 open access publicaties, ruim 15.000 datasets en daarnaast informatie over onderzoekers (expertise, hoogleraren en UH'Ds), onderzoeksprojecten en onderzoeksinstellingen in Nederland.
  • HBO Kennisbank
    De HBO Kennisbank geeft toegang tot bijna 10.000 scripties, meer dan 3.700 publicaties (van m.n. lectoren) en 610 leermiddelen.

Top repositories

In de Top 800 Institutional Repositories staan 3 Nederlandse repositories in de top 50: op 11 staat Utrecht, op 46 Twente en op 48 Leiden.

Open Data

Naast open toegang tot publicaties wordt ook gestreefd naar zoveel mogelijk open toegang tot de onderliggende onderzoeksdata. In Nederland zorgen DANS (Data Archiving and Networked Services) en het 3TU. Datacentrum voor de opslag en blijvende toegankelijkheid van onderzoeksgegevens in de alfa- en gammawetenschappen resp. technische wetenschappen.

SURF coördineert Nederlandse Open Access activiteiten

Met het SURFshare-programma werkt SURF aan een gemeenschappelijke infrastructuur die de toegankelijkheid èn de uitwisseling van onderzoeksinformatie bevordert. Dit programma loopt van 2008 tot 2011 en heeft tot doel om samen met alle Nederlandse universiteiten en hogescholen, NWO en KNAW te werken aan het optimaal delen van onderzoeksresultaten, gebruik makend van de nieuwste ICT mogelijkheden.

Nationale Open Access website

In samenwerking met alle SURFpartners is gewerkt aan de website ‘Open Access to Scholarly Information: Greater Reach for Research’: www.openaccess.nl. Deze website levert informatie over Open Access en de nieuwe mogelijkheden die ICT voor onderzoekers biedt en bevat aanbevelingen van gerenommeerde onderzoekers en voorbeelden uit verschillende disciplines. De website is bedoeld om misverstanden weg te nemen en hoger onderwijsinstellingen de weg te wijzen naar meer kennisdeling en –hergebruik.

Open 2011

Tijdens de internationale Open Access week vinden in Nederland weer veel activiteiten plaats bij universiteiten en hogescholen om extra aandacht te vestigen op het belang van open toegang tot publicaties en onderzoeksdata. Dit jaar een aanvullende week met aandacht voor Open Educational Resources.

Open Access seminar ‘Toegang tot de toekomst’, 2 februari 2010

Op 2 februari organiseerde SURF het drukbezochte Open Access seminar ‘Toegang tot de toekomst’ in de Beurs van Berlage in Amsterdam. De middag begon met een korte terugblik op het door SURF Open Access jaar 2009 en de geboekte resultaten en de presentatie van het boek ‘Nederland loopt warm voor Open Access’. Kopstukken uit het hoger onderwijs en onderzoek ondersteunden unaniem het standpunt dat wetenschappelijke publicaties die met belastinggeld tot stand zijn gekomen, online gratis beschikbaar moeten zijn. NWO-voorzitter Jos Engelen stelde hiervoor een speciaal budget beschikbaar van 2,5 miljoen euro per jaar tijdens dit seminar. Daarna was er een forumdiscussie met Jos Engelen (NWO), Doekle Terpstra (HBO-raad), Philip Eijlander (UvT), Paul Doop (UvA/HvA), Vincent Icke (UL/UvA) en Derk Haank (Springer) onder leiding van Frenk van der Linden (journalist, interviewer). Het ging hier vooral over de vraag hoe het ideaal sneller kan worden gerealiseerd. De videoregistraties van de middag staan online.

Lectoren en hun OA publicaties

In het najaar van 2010 is binnen het SURFshare project Open Onderzoek II een onderzoek gehouden onder alle lectoren in het HBO in Nederland naar hun houding ten opzichte van Open Access. De lectoren zijn gevraagd naar hun houding, gedrag, ideeën, wensen en knelpunten rond Open Access. De lectoren zijn ook gevraagd suggesties te geven hoe Open Access kan worden bevorderd.