UK       NL

"Storing an article in a repository therefore means that it can be made available to everyone without additional charges."

Bas Savenije
Read more..

Bas Savenije

National Library of the Netherlands

http://twitter.com/open_access
 
Banner

"We are now saddled with a strange alliance: material, that is provided by universities in the first place, is made almost unaffordable for universities to access. It is logical that scholars say that they can make their material available themselves."

Frits van Oostrom

Frits van Oostrom

Utrecht University

Prof.dr. Frits van Oostrom

University Professor for the Humanities at the Utrecht University.
In 1995 Frits van Oostrom was awarded the NWO Spinoza Prize, the highest scientific award in the Netherlands.

Frits van Oostrom's formally opened the website 'Cream of Science' in 2005. You can read his comment on this project and Open Access in SURFcahier (only available in Dutch):

Vooruitzien door terug te kijken

De opening van de website Keur der Wetenschap werd verricht door de nieuwe president van de KNAW: prof.dr. Frits van Oostrom. De Utrechtse mediëvist heeft open toegang tot wetenschappelijke informatie dan ook na aan het hart liggen, maar bedenkingen heeft hij eveneens.

“Wat zou Maerlant mij het meest benijden? Kunstlicht en het internet. Misschien internet nog het meest.” De middeleeuwse auteur aan wie Frits van Oostrom een van zijn bekendste studies wijdde, moest voor nieuws over de kruistochten immers nog hopen dat er eens een schip in Brugge binnenliep met een reiziger die toevallig iets gehoord had uit het Heilige Land.
Van Oostrom vindt internet dan ook een historische ontwikkeling. “En ik zeg dat niet gauw, hoor, want als historicus van de middeleeuwen leer je wel om zuinig te zijn met dat predikaat. Maar de computer met alles wat eromheen hangt is echt baanbrekend.”
Er was een tijd dat Van Oostrom daar anders over dacht. “In mijn studententijd heb ik Hans Rosenberg, de grondlegger van Stichting SURF, nog meegemaakt. Ik had wel waardering voor hem, maar die verhalen over computers vond ik een beetje gezwollen en zweverig.”
“In de jaren na zijn overlijden bleek hij echter steeds meer gelijk te hebben gehad. Het is misschien slechts een jaar of drie geleden, dat ik voor allerlei concrete vraagjes de ouderwetse encyclopedie zou opslaan. Nou, ik moest net even weten wanneer Burchard van Worms ook al weer leefde. Ik tik het op Google in, en het is meteen raak: overleden 1025.”

Vrijheidsliefde
De voorzitter van de Akademie is zelf een van de tweehonderd wetenschappers in Keur der Wetenschap. “Ik kreeg een heel gewichtige brief van de universiteit, dat ik het als een bijzondere uitverkiezing moest beschouwen – wat het natuurlijk ook is. En dat ze het allemaal voor me zouden gaan regelen in heel korte tijd. Ik weet nog dat ik dacht: nou, nou, dat is ambitieus!”
Zoals elders in dit Cahier te lezen valt, bleek het inderdaad een hele onderneming. Toen het Keur-project toch nog op tijd was volbracht, verrichtte Van Oostrom als KNAW-voorzitter de opening. In zijn toespraak noemde hij het DARE-initiatief een nieuw kroonjuweel van de rijke Nederlandse uitgeeftraditie, die volgens hem altijd werd gedreven door liefde voor de vrijheid van meningsuiting.
“De Open Access-beweging heeft zeer mijn hart,” bevestigt hij. “We zitten nu opgescheept met een vreemd monsterverbond: materiaal wordt aangeleverd door universiteiten en vervolgens voor universiteiten onbetaalbaar gemaakt. Het is logisch dat wetenschappers nu zeggen: dat kunnen we zelf ook. We maken het, we beoordelen het, en we nemen het af!”
Desondanks ziet Van Oostrom nog wel een meerwaarde van uitgevers, als organisatoren van het proces. “Maar die rol gaat toch veranderen. Natuurlijk is er soms gedoe met copyright. Ik moet je eerlijk zeggen dat ik daarvan niet zo erg onder de indruk ben. Copyright is voor auteurs toch vaak een smoes om ervan af te zijn. Misschien is er nu nog wat oud spul dat je niet loskrijgt voor DARE, maar ik ben er inmiddels alert op dat ik aparte contracten afsluit voor de gedrukte en digitale versies.”
“Het is typisch iets wat zichzelf gaat oplossen. Maar dan moet een site als Keur der Wetenschap natuurlijk wel voorzien zijn over de nodige capaciteit om de vraag te verwerken...”

Twijfels
Open Access gaat echter verder dan het elektronisch beschikbaar stellen van artikelen en boeken: ook het onderliggende materiaal zou openbaar moeten worden. Op dit punt heeft Van Oostrom zijn twijfels. “Het materiaal voor mijn nieuwe boek is al grotendeels digitaal: ik draai het nooit uit. Bij elkaar is het echt kasten vol. Ik weet er zelf de weg in, en mijn fantastische research-assistenten ook. Maar als ik het publiek maak, heb ik het niet meer in de hand: iedereen kan er iets uit plukken en dat – terecht of onterecht – aangrijpen voor kritiek.”
Maar wie decennialang met overheidsgeld grote corpora aanlegt, heeft wel een taak om die beschikbaar te stellen, zo meent Van Oostrom. “Voor sommige mensen kan zo’n alternatieve vorm van publiceren heel bevrijdend gaan werken. Het vergaren is ook een vorm van intellectuele arbeid. Mijn eigen vader was een echte perfectionist en is op zijn 73-ste overleden met een onvoltooid proefschrift. Dat is toch jammer.”

Piramide
Heel interessant vindt Van Oostrom het idee van de Amerikaanse historicus Robert Darnton. Die voorziet dat grote boeken een piramidestructuur zullen krijgen. “Het basismateriaal komt dan integraal op internet. Daarbovenop komt een site met gesorteerde bestanden en geïnterpreteerde verzamelingen. En op de top komt het gedrukte boek. Dat is voor veel vakgebieden ongetwijfeld een goed idee, want je ziet nu boeken vaak letterlijk uit hun voegen barsten.”
“En internetcollecties kun je bijhouden. Niet alleen de auteur, maar ook anderen kunnen bronnen en ideeën toevoegen. In zekere zin gaan we dan terug naar de open middeleeuwse tekstcultuur. Het werk van Maerlant is in alle vormen en formats verspreid: excerpten, bloemlezingen, combinaties... Harry Mulisch zou het niet leuk vinden als dat met zíjn werk werd gedaan.”

Façade
Maar, zo waarschuwt de KNAW-president, er is op internet ook veel façade. “Ik zie wel eens persberichten in de trant van ‘Minister XYZ opent site zus-of-zo’. Dan ga je kijken en denk je: dit is een lege huls. De openingspagina ziet er altijd wel flashy uit, maar voor de inhoud was kennelijk geen geld of tijd meer.”
“Wat dat betreft zie ik niet zo’n groot verschil met schrijven. Volgens Julian Barnes, de Engelse romancier, is de grote vraag van de literatuurgeschiedenis de vraag van de lezer: “Why are you telling me this?” De rechtvaardiging voor het publiceren moet aan de gebruikerskant zitten. Ik begrijp best dat het spannend en uitdagend is om te experimenteren met ICT. Maar er zijn de afgelopen vijftien jaar héél veel projecten gestart met héél veel geld. We zouden eens een lijstje moeten maken van wat we allemaal hebben zien passeren in het Nederlandse hoger onderwijs. Dat zou heel leerzaam kunnen zijn.”

SURFCahier, augustus 2005

Fontsize:
login